Home > Nieuws > Nieuwsbericht
03-06-2015 Terugblik op bijeenkomst REACH en stoffen

Samenwerking blijft essentieel. Dat is wel duidelijk geworden tijdens de bijeenkomst REACH en stoffen op 26 mei 2015. Aan de ene kant moeten kunststofleveranciers en -verwerkers de informatie over stoffen beter aan elkaar doorgegeven. Aan de andere kant moeten de ministeries in Nederland en Europa er ook op toezien dat de verschillende wetgevingen soepel in elkaar overlopen.

"Vooral de nationale arbo-wetgeving en de Europese REACH-wetgeving leveren onnodig extra werk op. Gelukkig waren de aanwezige ambtenaren van de ministeries van IenM en SZW het hiermee eens", blikt branchecoördinator Jolanda Neeft terug.
Ruim tachtig deelnemers luisterden naar presentaties van Cees Luttikhuizen, Onno Jongerius, Carola van Lammeren, Erik de Ruijter en Diana Martens.

Stoffen op lijst

Cees Luttikhuizen (ministerie van Infrastructuur en Milieu) beet de spits af met een overzicht van de ontwikkelingen op het gebied van REACH. Er staan inmiddels 161 stoffen op de kandidatenlijst. Luttikhuizen waarschuwde dat de industrie al in een vroegtijdig stadium informatie moet aanleveren van stoffen die door lidstaten zijn gedetecteerd op basis van gevaarlijke eigenschappen. Het proces om de stof uiteindelijk uit te faseren, kan anders niet meer worden gestopt. Daarnaast lichtte Luttikhuizen de laatste stand van zaken toe met betrekking tot REACH en recycling, ADCA en lood.

Veiligheidsbladen en CLP

Onno Jongerius (Jongerius Consult) legde vervolgens de verantwoordelijkheden uit die horen bij de verschillende rollen in de keten. Kunststofverwerkers moeten bijvoorbeeld binnen twaalf maanden voldoen aan de veilige werkwijze, zoals beschreven in het ‘extended SDS’ (safety data sheet). Grondstofleveranciers moeten de benodigde informatie voor het veiligheidsblad dan wel geven. Veel veiligheidsbladen blijken nu nog van onvoldoende kwaliteit te zijn.
Jongerius waarschuwde de aanwezigen voor de overgangsdatum voor CLP (Classification en Labeling of Products). Vanaf 1 juni 2015 moeten alle stoffen en mengsels volgens CLP geclassificeerd zijn.

Ondernemingsdossier

Carola van Lammeren (Mauser) en Erik de Ruijter (NRK) gaven een uitleg over het Ondernemingsdossier. Er zijn inmiddels verschillende regelhulpen ontwikkeld, zoals de Activiteiten Internet Module (AIM), het NRK milieuwerkboek en Clean Sweep. Van Lammeren lichtte toe hoe de verschillende regelhulpen werken. "Vooral in het begin kost het invullen van het Ondernemingsdossier veel tijd. Maar eenmaal ingevuld geeft het een duidelijk digitaal overzicht, waarbij aan meerdere collega’s verschillende taken kunnen worden toebedeeld", vertelde zij.
De ervaring leert dat als een bedrijf eenmaal toegang geeft aan de controlerende instanties, de inspecties sneller en efficiënter verlopen. Soms worden bedrijven alleen op afstand (digitaal) via het Ondernemingsdossier gecontroleerd. Het bedrijf behoudt zelf de regie wie tot welke onderdelen toegang heeft.

Aanpak gezondheidsrisico's

Tot slot legde Diana Martens (Inspectie SZW) in haar presentatie de focus op samenwerken bij de aanpak van gezondheidsrisico’s op het werk. Martens: "De laatste tijd is er sprake van een verandering in de mentaliteit van bedrijven. Het verschuift van 'Moet ik iets doen?' naar 'Wat moet ik doen' en ‘Hoe moet ik het doen'. SZW hoopt dat het in de toekomst vanzelfsprekend is, dat blootstelling aan gevaarlijke stoffen regelmatig wordt beoordeeld. 
In de komende tijd zullen de inspecties nog intensiever zijn. Het Ondernemingsdossier kan daarbij een belangrijke rol spelen, maar Martens is van mening dat fysieke inspecties nodig blijven. "Het werken aan slimme oplossingen is een onderwerp waar de NRK en Inspectie SZW intensief voor samenwerken", aldus Jolanda Neeft. Zij legde ook uit wat de Nederlandse arbowetgeving inhoudt en welke tools bedrijven kunnen gebruiken om hieraan te voldoen. De tool NRK Stoffenmonitoring speelt hierin een rol.

Informatie: Jolanda Neeft